28 augustus 2025 | Human Capital Agenda

H2 Impactmakers: Roeland Hogt, practor bij Noorderpoort

Achter elk waterstofproject schuilt een verhaal vol ambitie, uitdagingen en hoop voor de toekomst. We spreken projectleiders, CEO’s, onderzoekers en andere pioniers om te ontdekken wat hen drijft, welke lessen ze leren en hoe zij bijdragen aan een duurzame waterstofeconomie. We stelden vijf vragen aan Roeland Hogt, practor bij mbo-instelling Noorderpoort en lid van het liaisonteam Human Capital Agenda (HCA) van de regio Noord, over het project docentprofessionalisering.

Wat heeft je geïnspireerd om met dit waterstofproject te beginnen, en wat motiveert je om hierin door te gaan?

“Van Noorderpoort kreeg ik de kans om practor te worden. Ik was nog aan het nadenken over de invulling van mijn practoraat, toen ik werd benaderd door de gemeente Groningen. Ze waren koploper door bussen en andere voertuigen op groene waterstof te laten maken door onder andere het bedrijf Holthausen en hadden de kennis van Noorderpoort nodig om mensen voor het onderhoud op te leiden. Zo kwam groene waterstof op mijn pad en ben ik vanuit die ambitie mensen gaan benaderen en verbinden. Voor GroenvermogenNL heb ik me onder meer ingezet voor docentprofessionalisering. Docenten spelen namelijk een cruciale rol in de energietransitie. Ze delen kennis, ontwikkelen gezamenlijk leermaterialen en bouwen mee aan een nationaal opleidingsraamwerk.”

Welke uitdagingen ben je tegengekomen tijdens de uitvoering van dit project, en hoe heb je deze overwonnen?  

“De ontwikkelingen rond groene waterstof gaan snel. Docenten moeten leren omgaan met de veranderende praktijk en de veranderende behoefte van bedrijven in de regio. De uitdaging is dat docenten over het algemeen niet veel tijd hebben om kennis op te doen en mee te bewegen met de veranderingen. Maar de samenwerkende kennisinstellingen hebben hen ondersteund, vanuit een opvolgende serie van regionale, landelijke en internationale subsidies en innovatieprojecten, om nauwer samen te werken tussen de opleidingen en met praktijkpartners. Wat je dan ziet, is dat ze enthousiast raken over de materie en vanuit dat enthousiasme in combinatie met hun professionele ontwikkeling eigen netwerken gaan opzetten en samen met partners kennis en onderwijs ontwikkelen.”  

Wat is volgens jou de grootste bijdrage die dit project levert aan de transitie naar een duurzame waterstofeconomie?  

“Zoals ik daarnet zei, raken steeds meer docenten enthousiast en betrokken bij onderwijs in de waterstofeconomie. De groep verkenners is versterkt door een peloton onder aanvoering van docenten en hun onderwijsorganisaties die grote groepen studenten en lerenden meenemen. En dan gaat het niet alleen om studenten in het reguliere onderwijs. De grootste opgave is het om- en bijscholen van de huidige professionals. Bedrijven met ambitie in de waterstofeconomie staan om hen te springen.” 

 

Welke ondersteuning of samenwerking heeft een cruciale rol gespeeld in het succes van jullie project?  

“De grootste succesfactor was de ruimte die ik kreeg om over de grens van mijn eigen regio te zoeken naar maatjes met dezelfde missie. Filosofisch gesproken: als je beweegt richting je droom, kom je altijd mensen tegen die jou willen helpen. Spreek uit waar je blij van wordt of onzeker in bent. Wees dus niet bang om een onzekere stap te zetten. Als die stap bij je hoort, krijg je altijd hulp van anderen.” 

Hoe zie je de toekomst van waterstof en wat hoop je dat jullie project daarin kan betekenen? 

“Waterstof biedt uiteenlopende oplossingen voor de energietransitie. Je kunt het gebruiken om energie te bufferen en te transporten, om in te zetten voor hoge-temperatuurprocessen, voor zware mobiliteit en voor de gebouwde omgeving, om maar enkele mogelijkheden te noemen. Docenten zijn de sleutel tot succesvolle toepassingen. Met docentprofessionalisering hebben we een heel mooie opgave om het groeiend aantal docenten in groene waterstof naar die nieuwe toekomst te begeleiden.”